Duurzaam inkopen krijgt impuls met innovatiekoffer

Innovatiegericht inkopen kan een belangrijke bijdrage leveren aan verduurzaming van de openbare ruimte. Maar dan moeten opdrachtgevers en markt elkaar wel beter weten te vinden. Goede voorbeelden zijn er genoeg, maar over de hele linie mag en moet het vernieuwingstempo wel omhoog. Dat bleek tijdens het congres Innovatiegericht Inkopen in de Openbare Ruimte op 12 november.

Wouter StolwijkHet congres was een gezamenlijk initiatief van het Ministerie van Economische Zaken, expertisecentrum PIANOo, FME, ASTRIN en Duurzaam GWW. PIANOo-directeur Wouter Stolwijk stipte in zijn inleiding de urgentie van het onderwerp aan. Jaarlijks gaat in het aanleg en onderhoud van openbare ruimte zo’n 60 miljard euro om. Door aanbesteding meer op innovatie te focussen, kan een enorme duurzaamheidswinst worden behaald.

Investeren in kennis

De sleutel tot vernieuwing ligt volgens Stolwijk bij de uitvraag. Hij signaleert dat zelfs binnen grote partijen het gevoel leeft “te zwak te staan ten opzichte van de markt. Dat zit hem voor een belangrijk deel in het feit dat men te weinig materiekennis in huis heeft om de markt goed te kunnen uitvragen.” Er moet dus meer geïnvesteerd worden in zowel technisch-inhoudelijke als economische expertise. Kleinere overheden, die samen een groot inkoopvolume vertegenwoordigen, moeten vooral inzetten op het delen van marktkennis.

Innovatiekoffer

Zoals later op de dag zal blijken, werken ook procedures en regelgeving niet altijd mee. Toch is er binnen het huidige aanbestedingsregime wel degelijk mogelijk om te innoveren. Dat blijkt uit de Innovatiekoffer, die tijdens het congres geïntroduceerd werd: een uitgebreide verzameling van praktische instrumenten en best practices die laten zien wat er nú al in de praktijk mogelijk is.

Verduurzaming

Via een paneldiscussie met inbreng vanuit het publiek werden vervolgens verschillende stellingen besproken. Zijn innovaties bijvoorbeeld inderdaad een voorwaarde om de openbare ruimte structureel te verduurzamen? Alhoewel het behouden van de bestaande infrastructuur op zich al duurzaam is, is er nog veel te winnen met innovaties.

Experimenteerruimte

Over de vraag of bedrijven en overheden elkaar makkelijker vinden bij duurzaamheidsvraagstukken, bestaat meer eensgezindheid. Nee, is de consensus. Ook vinden de meeste aanwezigen dat overheden bedrijven onvoldoende uitdagen. Een belangrijk knelpunt hierbij is dat de ruimte vaak ontbreekt om te experimenteren. Dat vraagt om heldere afspraken vooraf, ook over het delen van risico’s en de kosten van innovatie.

Open innoveren?

De vraag is daarnaast ook of het voor bedrijven voldoende loont om in innovatie te investeren. Zit intellectueel eigendom innovatie in de weg? Nee, wordt gezegd. “Innovatie moet je belonen, bedrijven die hun nek uitsteken moet je in de schijnwerpers zetten.” Mee kunnen liften op de innovaties van anderen bevordert een “zesjescultuur”. Aan de andere kant is intellectueel eigendom beschermen niet hetzelfde als achter gesloten deuren innoveren. Het voorbeeld van octrooien wordt genoemd: “het idee daarvan is dat je de innovatie juist publiek maakt, alleen het gebruik ervan is beschermd. Maar anderen kunnen er wel op voortbouwen.” De meest succesvolle voorbeelden van innovatie – ASML, Tesla – zijn juist bedrijven die inzetten op open innovatie.

Meer voetballers

Herhaaldelijk wordt ook genoemd dat de focus van de inkooppraktijk zó sterk op rechtmatigheid ligt, dat dit innovatiegericht inkopen nogal eens in de kiem smoort. “We hebben minder scheidsrechters en meer voetballers nodig.” Natuurlijk zijn aanbestedingsregels er niet voor niks, maar nieuwe en onorthodoxe innovatiemodellen moeten mogelijk zijn – mits de politiek er de noodzaak van inziet. “Kijk naar de crisis- en herstelwet: toen de nood aan de man was, was er plotseling heel veel mogelijk.”

Makkelijk maken

De discussie maakt een opvallende paradox duidelijk: iedereen wil innovatiegericht inkopen, en toch wordt er naar elkaar gewezen. Oftewel: de wil is er wel, het ontbreekt aan praktische handvatten. En juist via die route kan de Innovatiekoffer een belangrijke impuls leveren. “Als ik iets innovatiefs wil inkopen, merk ik dat inkopers het gewoon enorm druk hebben. Je moet het ze dus zo makkelijk mogelijk maken. Veel voorwerk doen, en laten zien wat er al mogelijk is.” De Innovatiekoffer is daarmee een goed hulpmiddel en het zal de komende jaren alleen maar belangrijker worden als meer en meer goede voorbeelden er aan toegevoegd worden.

Voor een terugblik op het congres en de presentaties klik hier.